logo

[Terug naar hoofdpagina] [Contactgegevens]

2011 n. Chr of 30 jaar n. PC 

Wat was en wat komen zal
Een reflectie anno 2010 - 2011

“Bint zei: De afgelopen dertig jaar heeft Wall Street de kunst van het creëren en verkopen van financiële producten aangescherpt met een toenemende vaagheid in hun connectie met de realiteit. Het is een periode geweest van een modernisme van geld, met een trend naar het abstracte. Van Cézanne naar Jackson Pollock. Redelijk eenvoudige afgeleiden van geld zijn geëvolueerd naar steeds meer mysterieuze vernuftigheden, totdat het van een mathematisch model steeds meer op alchemie ging lijken”. (Joost de Vries, Clausewitz, p. 65, Amsterdam 2010)

Geschiedenisstudie maakt duidelijk dat een grote veranderingen in het menselijke bestaan door ‘de’ mens zelf veroorzaakt worden. En dan blijkt technische uitvindingen een enorme impact kunnen hebben. De grote sprongen in de geschiedenis van de westerse wereld vanaf de achttiende eeuw zijn de uitvinding van de stoommachine, de electriciteit, de verbrandingsmotor en de computer (PC). Wij zijn gewend om de telling van de jaren te laten beginnen met Christus (nu dus 2010 na Christus), maar er zijn ook filosofische waaghalsen die zeggen dat we nu moeten gaan praten over ‘voor PC’ en ‘na PC’, omdat de invloed ervan onvoorstelbaar ingrijpend zal zijn. Een opmerkelijk voorstel , maar het is niet orgineel. Wie het boek Nieuwe Brave Wereld (1932) van Aldus Huxley leest ziet dat hij vertelt over ‘voor Ford’ en ‘na Ford’. Met Ford is dan de automobiel genoemd (vooral de T-Ford) en dus de verbrandingsmotor. Wat die verbrandingsmotor betreft is het wel aardig te vermelden dat tractormotoren van meer dan 100 jaar geleden al werkten op plantaardige brandstof; de loop van de geschiedenis telt veel verrassingen en voorspelbaar is er niet veel.

De laatste uitvinding is nog zeer recent (IBM, 1981), maar nu tekent zich al af dat het om een revolutie in de het bestaan van de mensheid gaat. Facebook en Wikileaks zijn symptomen daarvan. Juist de filosofie is in staat om de verschuivingen in mensbeeld, maatschappijbeeld en wereldbeeld toe te lichten. In plaats van het woord ‘beeld’ kan men ook (verouderende)woorden gebruiken als ‘visie’, ‘oriëntatie’, ‘beschouwing’ e.d. In het algemeen zal hiërarchieke macht geleidelijk plaats moeten maken voor gezag zowel in de betekenis van ‘zien’ (perspectieven onderkennen) als van ‘zeggen’ (iets van betekenis te zeggen hebben). Het is echter niet zo dat door het versterken van historisch en filosofisch inzicht de voorspelbaarheid zodanig toeneemt dat alle onzekerheden over de toekomst zullen kunnen verdwijnen. We zullen zeker beter kunnen denken in scenario’s maar er zullen ingrijpende onvoorspelbare ontwikkelingen plaats blijven vinden. We zullen deze achteraf (met de kennis van dan) beter begrijpen en dat is waarschijnlijk ook al een geruststelling. Desondanks wil ik proberen enkele perspectieven te schetsen die passen bij ontwikkelingen op dit moment en die een soort onderlinge logica vertonen.

Van doorslaggevende betekenis is de totale informatiemaatschappij die aan het ontstaan is. Het woord ‘informatie’ lijkt me heel wat beter dan woorden als ‘kennis’ laat staan ‘inzicht’. Over de oneindige mogelijkheden, zeker met nieuwe generaties computers over een aantal jaren (computers die niet meer afhankelijk zijn van een wiskunde in binaire getallen) zijn we het eens. Tegelijk zien we een complete oorlog om 1. bepaalde informatie te beschermen(van bedrijven en overheden, enzovoorts) en 2. informatie op te sporen die we eeuwenlang tot het persoonlijke eigendom van mensen rekenden. De technieken om via electronische weg mensen te deprivatiseren zijn al zo ver ontwikkeld dat het ‘grote publiek’ daar geen voorstelling van kan hebben. Ook het beschermen van dit soort informatie is een illusie. Tot nu toe geheime informatie van bedrijven, overheden, zelfstandige bestuursorganen, leveranciers van diensten (voormalige nutsvoorzieningen), justitie is uiteindelijk niet te beschermen. Dat lukt technisch niet maar ook lukt het niet in het soort belangen-democratie die we hebben. De farmaceutische industrie bijvoorbeeld moet de geheime formule van een medicijn op de bijsluiter zetten, op basis van rechten van de consument (eventueel patiënt), en zij doet dat waarschijnlijk niet om goedkope namaak te bevorderen, die echter wel een maand later grootschalig plaats vindt. Hierbij speelt ook een rol dat de nieuwe generaties computers het probleem van verschillende talen tot een relevante hoogte oplossen. Wat iemand formuleert kan over enkele jaren in alle talen ter wereld ogenblikkelijk beschikbaar zijn, in zowel gesproken als schriftelijke vorm. Dit zal ongetwijfeld ook leiden tot het ontwerpen van nieuwe codes, maar die zullen weer prachtig te doorbreken zijn, juist omdat het ontwerpen via een interne logica gaat.

Het kapitalisme, dat zich presenteert als de handel van de vrije markt (en daarom dus ‘eerlijk’ is) berust op de gedachte dat materieel en geestelijk eigendom mensen tot in hun ziel aanspreekt, vooral ook het uitbreiden en vermeerderen daarvan. Hebzucht wordt daardoor een tamelijk nuttige deugd, in elk geval erg bruikbaar, en de negatieve gevolgen ervan kunnen tamelijk gemakkelijk weggepoetst worden met slogans over de autonome verantwoordelijkheid van elk mens. Die mens heeft daarvoor vast en zeker de nodige talenten in huis en kan daar ook gebruik van maken als de vereiste motivatie gemobiliseerd wordt. Motivatie is trouwens ondertussen al gedefinieerd als een leerbare competentie. Terwijl neurologen steeds komen vertellen dat optie van de vrije wil een vergissing is, worden de evangelisten die iedereen beloven dat hij zijn droom waar kan maken toegejuicht.

Niet alleen het geestelijk eigendom van mensen gaat vervagen maar ook het materiële eigendom. Het onderwerp ‘eigendom’ moet weer op de filosofische agenda. In voorbije tijden was het heel normaal dat je iemand die ongevraagd en met kennelijk slechte bedoelingen je gebouwen of gronden betrad mocht dood schieten, en dat kon omdat je een wapen mocht hebben. Nu dat niet meer zo is, ook geen nep-wapens, gaan we naar de situatie dat je zulke personen geen gelegenheid mag bieden om te stelen e.d. en als je dat wel doet zijn de nare gevolgen voor jou. De grote gunst die nu toegestaan lijkt te worden dat je bij verzet of verdediging niet meteen opgepakt wordt, is waarschijnlijk ketelmuziek in verband met de naderende verkiezingen van provinciale staten. Na genoemde verkiezingen zal de ‘meeropbrengst’ van onroerend goed ook voor particulieren belast gaan worden. Inderdaad een belasting op inflatie. Deze diefstal zal het denken over eigendom een pittige schok geven.

Deze ontwikkelingen hebben grote gevolgen. Onbedoeld en sluipenderwijs zal het kapitalisme in zijn wortels aangetast worden en dat leidt tot ontwrichting van deze ideologie en het functioneren ervan. Bovendien is het niet ondenkbaar dat juist tegengestelde krachten gaan werken, dat wil zeggen: mensen die welbewust het genot van eigen bezittingen relativeren, omdat ze beseffen dat ze schijn produceren en dat het leven te kort is om daar veel tijd aan te besteden. Er gaat dan een andere geest werken. En tegen ‘geest’ is niet veel opgewassen.

De informatiemaatschappij zal voormalige communistische- socialistisch projecten (gebaseerd of staatseigendom en collectivisme) geen enkele kans op herstel bieden. Deze ideologie is tegelijk met het vallen van de Berlijnse muur gesloopt. Daarbij is de rol van de macht van de PC waarschijnlijk onvoldoende belicht. Na 72 jaar (1917-1989) leidde de implosie van het communisme tot de explosie van de Sovjet-Unie, waarna Rusland zich ontwikkelde tot een land met een broeierige vorm van ‘staatskapitalisme’, een term die gemakkelijk verkeerd begrepen kan worden. China was al zeer lange tijd een land met een nationaal gestuurde kapitalistische economie, en is nooit een communistisch land geweest. Communisme in de zin zoals de grondleggers bedoelden, veronderstelt dat de staat de productiemiddelen bezit en hanteert (zie het Communistisch Manifest dat Karl Marx in Brussel schreef). De term ‘staatskapitalisme’ laat productiemiddelen in handen van het particuliere initiatief maar de staat stuurt wel het belang van de staat aan. Het is moeilijk in te zien welke vorm van liberaal-kapitalisme daar tegen aan kan. Van het oorspronkelijke communisme en socialisme is nu een soort sociaal-democratie overgebleven dat met wisselend succes meespeelt in het politieke krachtenveld maar in feite onderdeel is geworden van de huidige liberaal-kapitalische hegemonie.

In het huidige liberaal-kapitalisme ordent zich de macht naar een beperkt aantal multinationals, die zo wereldwijd mogelijk functioneren. Een aantal daarvan heeft omvangrijkere vermogens dan een groot aantal landen in de wereld. Ze zijn niet alleen onderling verwikkeld in een enorme concurrentie maar er zijn voortdurend (nieuwe) spanningsvelden met de staatskapitalische ondernemingen. Van een vrije markt in een meer oorspronkelijke betekenis is dan geen sprake meer. Alles staat in dienst van grote internationale ondernemingen die hun toeleveringsbedrijven en werknemers volledig in hun macht hebben. Hier moeten we het vooralsnog doen met veel onzekerheid over de afloop van deze ontwikkeling.

Deze onzekerheid wordt versterkt door de twijfel aan de integriteit van de financiële wereld. Deze wereld heeft de hoogste staat van onbetrouwbaarheid weten te veroveren. Helemaal zorgwekkend is de manier waarop dat gebeurde. Zelfs de zogenaamde giftige producten zijn ten aanzien van tal van groepen hoogwaardigheidsbekleders uit de doeken (= power points) gedaan. Er zaten ingewikkelde wiskundige formules achter, maar vrijwel alle betrokkenen bleken prima te snappen hoe de zaken in elkaar zaten. Het is niet overdreven om hier te spreken van ‘goedgekeurde’ criminaliteit, niet van goed gekeurde criminaliteit uiteraard. De crisis heeft veroorzaakt dat er veel ‘vreemd’ geld naar Europese banken moet gaan, het is de enige redding, en dat zal wel niet een vorm van liefdadigheid blijken. Dit is ook een belangrijk punt van onzekerheid. Het lijkt me wel vast te staan dan ook banken naar een betrouwbare en transparante bestuurlijke situatie moeten komen. Het bekende Angelsaksische bestuursmodel (directie is bestuur en een Raad van commissarissen ziet zogenaamd toe) is ontoereikend gebleken. Hoe moeilijk ook in de huidige omstandigheden, waarin serieuze risico’s vermeden moeten worden, er zal op dit vlak een andere filosofie moeten komen, wil de burger weer voldoende vertrouwen krijgen in de financiële wereld en andere door denken-in-geld-bepaalde instituties. Er is een andere economic governance nodig, maar wat voor één?

Benaderen we ontwikkelingen vanuit het belang van elk individu dan ziet de situatie er niet rooskleurig uit. De idee ‘menswaardigheid’ zal steeds meer aan betekenis verliezen. De wenselijkheid van menselijkheid wordt verdacht en gedateerd. Een weinig optimistisch toekomst perspectief. Een vlijmscherp vertegenwoordiger van deze visie is Arnold Grunberg. Of……kan het toch anders?

Is er een kans dat een andere spirit de mensen gaat bewegen dan die van: ‘ik produceer om te consumeren’ en ‘ik consumeer om de productie op groei te houden’, ook als ik dat niet wil. Een andere geest met betrekking tot bezit en eigendom? Voor zover ik dat kan begrijpen kan deze andere mentale instelling alleen komen van Europa. Of…..vergissen wij ons toch in de diepgravende kracht van de Islam, de echte, dus niet de politieke, de extremistische of fundamentalistische. De Islamitische interpretatie van ‘rente’ haalt de westerse economie bijvoorbeeld volledig onderuit. Zijn we in staat om door alle indoctrinatie heen te kijken? Ik laat deze kant van de zaak nu liggen en kijk naar de mogelijkheid van een Europese herbronning, een meer optimistisch toekomstperspectief.

Momenteel is Europa ook zwaar in crisis. De huidige financiële problematiek duidde ik zojuist al aan. Interessant aspect daarbij is dat de euro de enige munt is zonder staat. Staten zonder munt waren er allang, maar een munt zonder staat, dat is eigenlijk nieuw. Het huidige Europa omvat 6,9 % van de wereldbevolking en presteert ongeveer 20 % van de wereldproductie, maar beide getallen gaan de komende jaren alsmaar achteruit, ondanks het feit dat het aantal leden wel tot meer dan 30 zal stijgen. Hoe we het ook keren of wenden: er zal dus samenspraak en samenwerking met liefst 95% van de wereldbevolking nodig zijn. Belangrijk zorgpunt is al enkele jaren de geografische uitbreiding van Europa, waarbij vooral toetredingen van Turkije, Georgië en Oekraïene belangrijke onderwerpen zijn.

Waarschijnlijk zal het nodig zijn om het denken in geografische begrenzingen gedeeltelijk los te laten en Europa meer te zien als een idee. Een ideologie, een manier van leven van de aanstaande mensheid. Wellicht is studie van het voormalige Romeinse Rijk uiterst leerzaam. De mythologieën van Karel de Grote en Bonifatius zijn daarvoor historisch-wetenschappelijk te verdacht. We zullen terug moeten vallen op filosofen die geprobeerd hebben om Europa als filosofie te interpreteren. De kerngedachten van de antieke beschaving en van het Christendom keren daar in terug, waarbij de relatie met de Islam een uiterst belangrijk thema is. De Geschiedenis van Spanje is daarbij wellicht de bron die het meeste te denken geeft. Economisch gezien gaat het om het Rijnlandse model en de uitwerkingen daarvan. Er kan een nieuwe economische en financiële ethiek komen.

Multiculturaliteit zal gezien worden als (welkom) feit en interculturaliteit als een voortdurende opgave en zorg voor alle betrokkenen. Het onderwijs zal in een nieuw teken van Bildung geplaatst worden. De of-of-logica zal veel meer plaats moeten maken voor een en-en-logica. De grote vraag is dus of zo’n meer spiritueel Europa het materialistische barbarendom zal overwinnen. Nog groter is de vraag naar de wijze waarop we de schepping (de evolutietheorie) zullen gaan begrijpen; het lijkt er sterk op dat we het evolutieperspectief van Teilhard de Chardin hard nodig zullen hebben, anders komen we er niet. Ten aanzien van dit mogelijke Europa-perspectief blijven we ook met veel onzekerheid zitten. Een paar dingen zijn wel duidelijk: de macht om te beslissen moet zonder meer ingrijpend veranderen (bestuurlijke problematiek). En: opvoeding en onderwijs zijn het begin van de mogelijkheid van een andere meer humane wereld. Wie daaraan voorbij ziet, is de mogelijkheid meteen al kwijt.




Valid HTML 4.01!